Dossier signalering screening en diagnostiek

Een licht verstandelijke beperking (LVB) zo vroeg mogelijk signaleren voorkomt veel problemen. In het onderwijs, zorg of elders in de maatschappij, het begint met de ogen open houden voor een mogelijke LVB.
signalering, screening en diagnostiek van een lvb

Meedoen wordt moeilijker

Voor mensen met een LVB wordt het steeds moeilijker om mee te doen in de samenleving. Ze hebben problemen met (abstract) denken, het oplossen van problemen en met leren.

Daarnaast hebben zij vaak moeite met het begrijpen van taal en met verschillende sociale en praktische vaardigheden.

Een LVB zie je niet

Aan het uiterlijk is meestal niet te zien dat mensen licht verstandelijk beperkt zijn. Mede hierdoor worden ze overvraagd op school, op het werk en in het alledaagse contact met mensen of instanties. Er wordt dan meer gevraagd dan ze kunnen of aankunnen. Dit kan leiden tot faalervaringen, frustratie en een negatief zelfbeeld.

Deze negatieve gevoelens kunnen zich op den duur uiten in opstandig gedrag en andere emotionele of gedragsproblemen. Als gevolg hiervan is de kans groot dat mensen met een LVB afhaken op school. Door het ontbreken van een goede opleiding komen ze vervolgens moeilijker aan het werk. Hun maatschappelijk functioneren wordt hierdoor belemmerd. Verdere problematiek zoals eenzaamheid, armoede en schulden liggen dan al snel op de loer.

Veel problemen zijn te voorkomen als tijdig de juiste behandeling en ondersteuning worden ingezet. Het vroegtijdig herkennen van een LVB is dus belangrijk!

Op deze pagina lees je meer over wat wijst op een mogelijke LVB (op verschillende leeftijden) en hoe je het kunt screenen of diagnosticeren.

Signaleren

Soms kom je iemand tegen waarbij je het gevoel hebt dat er iets speelt. Iemand die bijvoorbeeld niet meekomt op school, een beperkt sociaal netwerk, moeite met het vinden en behouden van een baan of foute vrienden. Je krijgt je vinger er niet achter. We noemen dit ook wel een niet-pluis gevoel. Mogelijk is er dan sprake van een LVB.

Er zijn een aantal kenmerken waar je dan op kunt letten, die gaan doorgaans vanaf de basisschoolleeftijd opvallen. Je kunt letten op:

  • School: vaak blijven zitten, de overstap naar speciaal onderwijs of het niet afronden van een opleiding.
  • Rekenen: moeite met relatief eenvoudige optel- en aftreksommen, rekenen in tijd, omgaan met wisselgeld.
  • Taalbegrip en -gebruik: bijvoorbeeld spreekwoorden en gezegden niet goed begrijpen en verkeerd gebruiken.
  • Schrijven: zoals een werkstuk maken maar ook, op latere leeftijd, (online) formulieren invullen.
  • Concreet gedrag: bijvoorbeeld moeite met klokkijken, wat meer kinderlijke hobby’s en voorkeuren die niet bij de kalenderleeftijd passen.
  • Vriendschappen en sociale relaties: moeite met het aangaan en onderhouden van sociale contacten, of veel ruzie maken.

Deze signalen kunnen een eerste aanwijzing zijn voor een mogelijke LVB. Het is altijd nodig om nader onderzoek te doen voordat we spreken van een LVB. Dit kan door eerst te screenen en eventueel (door te verwijzen voor) diagnostisch onderzoek.

Ook op de site expertisepunt LVB staat informatie over bewustwording en signalering van een LVB.

 

Screenen

Professionals kunnen een belangrijke rol spelen als het gaat om vroegtijdige signalering van het functioneren op LVB-niveau. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van verschillende screeningsinstrumenten. Met dit stappenplan kun je als leerkracht of IB’ er in zes stappen jeugdigen met een LVB herkennen en een handelingsperspectief ontwikkelen.

Schaal Adaptief Functioneren (SAF)

De SAF is een screeningsinstrument ontwikkeld voor het (regulier) basisonderwijs. Met de laagdrempelige screeningslijst kan worden bepaald of een leerling mogelijk op LVB-niveau functioneert. De SAF kan ingevuld worden door de leerkracht zelf of door een intern begeleider (IB’er), die de jeugdige goed kent en zicht heeft op hoe de jeugdige op dit moment functioneert. 

De SAF kan ingezet worden bij jeugdigen vanaf groep 5, zij zijn dan 8 à 9 jaar, tot en met groep 8 (circa 12 jaar). In principe kan de SAF voor iedere leerling ingevuld worden, maar voor leerlingen die moeilijk leren, concentratie problemen hebben, een ouder/broer/zus hebben met een LVB of een minder sterk sociaal-emotioneel functioneren is het in ieder geval raadzaam om de SAF in te vullen.

Zet je de SAF in? Raadpleeg dan de handleiding  LVB? Daar kun je wat mee! Hierin wordt de SAF uitvoerig besproken en krijg je suggesties voor een passende ondersteuning.

Screener voor intelligentie en licht verstandelijke beperking (SCIL)

De SCIL is een screeningsinstrument dat in verschillende contexten kan worden ingezet:

  • In het voortgezet onderwijs (o.a. praktijkonderwijs en vmbo)
  • Bij MEE (ondersteuning in het leven met een beperking) of in wijkteams
  • In de psychiatrie (algemeen en forensisch), voorafgaand aan behandeling
  • In de dak- en thuislozenzorg
  • Bij politie, justitie en reclassering

De SCIL is er in twee versies: voor 14-17 jarigen en voor mensen vanaf 18 jaar. De twee versies bevatten inhoudelijk dezelfde vragen, maar verschillen in aanspreekvorm (‘je’ versus ‘u’). Verder bestaat de screener uit 14 vragen die in 10-15 minuten ingevuld kan worden. De vragen worden door de persoon zelf ingevuld.

De SCIL is te bestellen bij de uitgeverij Hogrefe.

Screener Adaptief Functioneren (SCAF) (in ontwikkeling)

De SCAF wordt op dit moment ontwikkeld door de bijzondere leerstoel Kennisontwikkeling over Jeugdigen en Jongvolwassenen met Licht Verstandelijke Beperkingen en Gedragsproblemen aan de Universiteit van Amsterdam en is een aanvulling op de SCIL.

De SCAF is een screener voor adaptieve vaardigheden van mensen met een LVB van 16 jaar en ouder.

Diagnostiek

Om een LVB daadwerkelijk te kunnen vaststellen, is het noodzakelijk dat er diagnostiek wordt gedaan. Het is immers van belang te laten onderzoeken of er sprake is van een algemene achterstand of dat er specifieke zwakheden zijn die ten grondslag liggen aan de behaalde uitslag op een screener.

Wechsler Intelligence Scale for Children (WISC-V)

De WISC-V is een IQ-test voor kinderen en jongeren vanaf 6 tot en met 16 jaar. Om het totaal IQ te berekenen maakt men gebruik van zeven vaste subtesten. Afhankelijk van de hulpvraag kunnen er subtesten worden afgenomen. Afname van meer subtesten heeft geen invloed op het totaal IQ. Nieuw is dat de WISC-V niet alleen op papier maar ook digitaal afgenomen kan worden.

De WISC-V is te bestellen bij Pearson.

Wechsler Adult Intelligence Scale IV (WAIS-IV)

De WAIS-IV is een IQ test voor jongeren en volwassenen van 16 tot en met 84 jaar oud. Deze IQ-test kan ingezet worden als psycho-educationele test, als hulpmiddel bij klinisch onderzoek en om neuropsychologische en psychiatrische stoornissen vast te stellen.

De WAIS-IV is te bestellen bij Pearson.

Verkorte Adaptief Leervermogen Test (VALT)

De VALT lijkt op een IQ-test. Alleen komt er uit de VALT geen IQ-score, maar een sterkte- zwakteprofiel als resultaat. Bij de constructie van de VALT is uitgegaan van een aantal subtesten van bestaande (intelligentie)testen. De gemiddelde afnameduur van de VALT (circa 2 uur) is daardoor een stuk korter dan een volledige IQ-testbatterij.

Na het uitwerken en het analyseren van de resultaten kan een goed onderbouwd beeld van de sterke en zwakke kanten van een jeugdige geschetst worden.

ADAPT                                   

De ADAPT is een korte observatievragenlijst om adaptieve vaardigheden van volwassenen (16+) in kaart te brengen. De ADAPT meet met 62 vragen (verdeeld over 8 schalen) vaardigheden die belangrijk zijn voor het (onafhankelijk) functioneren in onze maatschappij, zoals vaardigheden op het gebied van persoonlijke hygiëne, sociale contacten of het omgaan met geld en post.

ADAPT – vragenlijst voor adaptief gedrag

ABAS-3 Schaal voor Adaptief gedrag                                                                       

De ABAS-3 brengt het adaptieve gedrag van kinderen en volwassenen in kaart, zoals communicatie en sociaal contact, vrijetijdsbesteding, het zorgen voor de eigen gezondheid en veiligheid, of het uitvoeren van activiteiten in een thuis- of schoolomgeving. Voor volwassenen (18-80 jaar) is er een zelfrapportagevragenlijst en een informantenrapportagevragenlijst.

ABAS-3 Schaal voor adaptief gedrag

Zelfredzaamheidsmatrix (ZRM)

De Zelfredzaamheidsmatrix wordt vaak ingezet bij mensen met een LVB en geven inzicht in hoe zelfredzaam iemand is en in welke mate iemand ondersteuning nodig heeft. Met de ZRM kan de mate van zelfredzaamheid van cliënten eenvoudig en volledig worden beoordeeld.

Zelfredzaamheidmatrix (ZRM)

De Krachtenwijzer

De Krachtenwijzer is een digitale tool, gebaseerd op de ZRM, en geeft een gedetailleerd beeld van de zelfredzaamheid van een persoon op verschillende levensgebieden. Op basis daarvan kan samen doelgerichte en passende ondersteuning worden ingezet.

Krachtenwijzer

 

Direct naar

Handreiking Jeugdigen en (jong)volwassenen met een LVB

Kenmerken &gevolgen voor diagnostisch onderzoek en (gedrags-)interventies

Richtlijn Diagnostisch onderzoek

In de richtlijn worden aanbevelingen gedaan voor het ontwikkelen, aanpassen en afnemen van diagnostische instrumenten bij mensen met een licht verstandelijke beperking.

Signalenkaart LVB

Overzicht van signalen van een LVB en de manier waarop je op een LVB kunt aansluiten. In praktisch A4 formaat.

LVB: IB'ers kunnen het verschil maken!

Als je er vroeg bij bent is er veel ontwikkeling mogelijk. Gebruik de tips uit dit artikel.

Toolkit LVB

Van basisinformatie tot tools voor professionals met LVB-kennis

Producten

Van e-learning tot handreiking en webinar, je vind het hier.

FAQ

De antwoorden op vaak gestelde vragen vind je op deze pagina

Contact

Stond je vraag niet bij FAQ of wil je één van onze medewerkers spreken?