De vierde cyclus Cursus N=1 onderzoek voorjaar 2020

De cursus zit vol! U kunt zich helaas niet meer aanmelden.

De data voor de twee cursusdagen in 2020 zijn bekend namelijk op vrijdag 20 maart en vrijdag 15 mei.

N=1 ONDERZOEK

De N=1 of Single-Case Design (SCD) is in de psychologie tegenwoordig een klassieke methode om behandeleffecten te toetsen. Daar is een ontwikkeling aan vooraf gegaan. In 1984 wees Peter Molenaar op de tekortkomingen van de gebruikelijke Randomized Control Trials (RCT’s). Bij een RCT wordt gekeken naar het effect van een bepaalde interventie op een gemiddelde cliënt. Diens persoonlijke eigenschappen beschouwt men daarbij als ‘ruis’. Molenaar betoogde dat het wel degelijk zinvol was om de focus op die ruis te richten om te weten of een behandeling bij een bepaalde cliënt zal werken. Met name als de problematiek van een groep cliënten onderling erg verschilt.
Met single-case design studies (N=1) is het mogelijk om zo’n effectonderzoek te doen en persoonsgebonden effecten statistisch te toetsen. De gegevens waarmee de toets wordt uitgevoerd zijn bij een N=1 onderzoek dus niet gebaseerd op een groep deelnemers die een behandeling ondergaat, maar op meetmomenten vóór, tijdens en na de interventie bij 1 persoon.

N=1 CURSUS

Onder de leden van het Landelijk Kenniscentrum LVB (LKC LVB) is een groeiende vraag naar kennis over het uitvoeren van N=1 onderzoek. In de daartoe ontwikkelde cursus leren deelnemers op een eenvoudig en uitvoerbaar niveau aan de slag te gaan. Zodoende kunnen zij bijdragen aan evidence based practice.
De cursus staat ook open voor medewerkers van lidinstellingen van de VGN. In de cursus gaat het niet uitsluitend over de LVB; alle thema’s uit de gehandicaptenzorg kunnen aan de orde komen.
De cursus wordt gegeven door medewerkers van het bureau van het LKC LVB, dr. Joop Hoekman en dr. Albert Ponsioen.

OPZET CURSUS

De cursus bestaat uit twee hele dagen, waarop vier plenaire presentaties van ieder ongeveer anderhalf tot twee uur en vier werkbijeenkomsten plaatsvinden. In deze twee dagen moet het onderzoeksvoorstel in grote lijnen klaar zijn. Daarna volgen vier aanvullende werkbijeenkomsten van ieder een halve dag. Deze terugkomdagen zijn gericht op coaching en begeleiding bij de uitvoering van het N=1 onderzoek.

DAG 1
Plenaire presentatie 1: Introductie in N=1 onderzoek / case studies.

  • Functies van case studies;
  • Case studies als subtype van effectonderzoek;
  • Andere subtypes effectonderzoek;
  • Verhalende (narratieve) en systematische case studies met metingen;
  • Enkelvoudige case studies en meervoudige case studies;
  • Mogelijke resultaten en uitkomsten van case studies;
  • Voorbeelden van case studies.

Werkbijeenkomst 1: komen tot een keuze voor een onderwerp, een casus of meerdere cases, voor een gevalsstudie. Hoe zet je een onderzoeksvoorstel op?

Plenaire presentatie 2: Hoe ontwerp je een case studie en hoe voer je hem uit?

  • Onderzoeksvragen: wanneer past een case studie; waarom een case studie?
  • Baseline, interventie en resultaat, follow-up;
  • Verschillende designs, onder andere ABAB design;
  • Routine outcome monitoring (ROM);
  • Tijdlijn;
  • Observatie, observatiecriteria en systematische meting;
  • Keuze voor generieke en specifieke meetinstrumenten, passend bij de onderzoeksvragen.

Werkbijeenkomst 2: komen tot onderzoeksvragen, een onderzoeksopzet (design) en tot een oriëntatie op mogelijke meetinstrumenten. Gedeeltelijk invullen van je onderzoeksvoorstel.

DAG 2
Plenaire presentatie 3: Hoe trek je conclusies uit case studies?

  • Resultaten of effecten?
  • Case studies als effect studies;
  • Types effecten: patroonherkenning bij narratieve case studies;
  • Types effecten: statistische analysemogelijkheden bij metingen;
  • Grootte van effecten;
  • Mogelijkheden voor generalisatie.

Werkbijeenkomst 3: is er al een keuze gemaakt voor een narratieve case studie of voor een case studie met metingen? In het laatste geval: is er al een keuze gemaakt voor te gebruiken generieke en specifieke meetinstrumenten? Welke mogelijkheden zie je voor patroonherkenning en voor statistische analyse? Vorder je met je onderzoeksvoorstel?

Plenaire presentatie 4: Hoe en waar rapporteer ik over een case studie?.

  • Richtlijnen voor rapportage over case studies;
  • Betekenis van die richtlijnen voor de onderzoeksopzet en de dataverzameling;
  • Voorbeelden van gepubliceerde case studies;
  • Voorbeelden van tijdschriften die case studies publiceren.

Werkbijeenkomst 4: Hoe richt je de dataverzameling in? Van wie heb je toestemming nodig? Wie vergoedt de kosten? Hoe houd je rekening met ethische aspecten? Is je onderzoeksvoorstel al klaar?

Werkbijeenkomsten 5 t/m 8: feedback op onderzoeksvoorstel, coaching en begeleiding, intervisie, beantwoording van vragen in individuele speeddates, introductie in statistische mogelijkheden.

Eventuele hulp bij statistische data-analyse is niet bij de cursus inbegrepen. Die kan wel vanuit het LKC, tegen kostprijs, geleverd worden.

Aantal uren zelfstudie: 20

DEELNAME

Deelname aan de cursus staat open voor medewerkers (behandelaars, gedragsdeskundigen, begeleiders, onderzoeksmedewerkers) die in hun werksituatie effectonderzoek willen uitvoeren. De kosten bedragen € 950,- voor deelnemers vanuit lidinstellingen van het Landelijk Kenniscentrum LVB en Academische Werkplaats Kajak en € 1.050,- voor anderen.
De cursus gaat door bij maximaal 10 deelnemers. Plaatsing geschiedt op volgorde van aanmelding.

ACCREDITATIE

Accreditatie wordt aangevraagd voor FGzPt, NVO/NIP en NVvP. Andere accreditaties kunnen worden voorgesteld.

LITERATUUR

Delsing, M., & Van Yperen, T. (2017). Wat werkt voor wie? De kracht van N=1 onderzoek.  In: T. Van Yperen, J.W. Veerman & B. Bijl (red). Zicht op effectiviteit. Handboek voor resultaatgerichte ontwikkeling van interventies in de jeugdzorg Pp. 331-356. Rotterdam: Lemniscaat.

Hamaker, E. L. (2012). Why researchers should think “within-person”: A paradigmatic rationale. In: M. R. Mehl & T. S. Conner (Eds.), Handbook of research methods for studying daily life (pp. 43-61). New York: Guilford Press.

Hoekman, J. (2013). Effect in soorten en maten. Verkenningen in de methodologie en typologie van effectonderzoek. Nederlands Tijdschrift voor de Zorg aan mensen met verstandelijke beperkingen, 39, 181-195.

Maric, M., de Haan, E., Hogendoorn, S. M., Wolters, L. H., & Huizenga, H. M. (2015). Evaluating statistical and clinical significance of intervention effects in single-case experimental designs: An SPSS method to analyze univariate data. Behavior therapy, 46(2), 230-241. doi: 10.1016/j.beth.2014.09.005.

Molenaar, P.C.M. (2004). A manifesto on psychology as idiographic science: Bringing the person back into scientific psychology, this time forever. Measurement, 2, 201-218.

Ng, M. Y., & Weisz, J. R. (2016). Annual research review: Building a science of personalized intervention for youth mental health. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 57(3), 216-236.

Ponsioen, A. J. G. B., Vliet, F. van der, Blijderveen, R. & Zwiers, S. (2016). Braingame Brian: N=1 in de praktijk. Wat doet deze interventie bij deze cliënt? De Psycholoog, 51(5), 44-57.

Ponsioen, A. & Hoekman, J. (in voorbereiding). N=1 onderzoek, een handleiding. Utrecht: Landelijk Kenniscentrum LVB.

Versluis, A., Maric, M. & Peute, L. (2014). N=1 Studies in de praktijk. (Hoe) heeft de behandeling gewerkt? De Psycholoog, 3, 10-20.

Yin, R.K. (2014). Case study research. Design and methods. 5th edition. Los Angeles: Sage.

LKC LVB | Catharijnesingel 47 | 3511 GC Utrecht | 030-7400400 | info@kenniscentrumlvb.nl